Ik ga niet naar Scherpenheuvel

Ik kreeg vandaag van enkele collegae uit het Vlaams parlement een merkwaardige mail. De mail is getiteld ‘Vlaamse volksvertegenwoordigers steunen geestelijken’ en is een lofbetuiging aan de honderden priesters, zusters en anderen die zich ingezet hebben voor de ‘gemeenschap in Vlaanderen’.  Meer zelfs, ze willen Uw en hun dank aan alle geestelijken overmaken op een samenkomst op 21 augustus in de Mariahal in Scherpenheuvel.

Dat politici opkomen voor de geestelijkheid … is een merkwaardig initiatief – zeker in tijden van een strakke scheiding kerk-staat – al staat natuurlijk die ‘c’ niet toevallig in de afkorting van een partij die zich op een christelijke inspiratie beroept. Ja, zij maken zich zorgen over de aanhoudende onthullingen over kindermisbruik in de kerk, die dreigen alle geestelijken mee te sleuren in een sfeer van veralgemeende verdachtmaking. Zo luidt althans de eerste zin van hun persbericht.

De collega’s haasten zich via de redactie.be te zeggen dat het feit dat er geen ondertekenaars van deze oproep zijn bij Groen! en sp.a louter het gevolg is van de snelheid van het initiatief. Ik ben alleszins niet aangesproken om het initiatief te ondersteunen, niettegenstaande ik mij niet opwerp als een vrijzinnige, noch een atheïst.
Niet geheel terzijde zou ik kunnen stellen dat de problemen van kindermisbruik in de kerk ook wat sneller hadden kunnen aangepakt worden.

Eerst stellen mijn collega’s dat zij kindermisbruik veroordelen als een gruwelijk misdrijf – het zou er nog tekort aan zijn. Maar ze stellen er meteen bij dat alles en iedereen die geëngageerd is in de kerk, als geestelijke of als leek, nu zonder meer verdacht is. Natuurlijk niet, dat zou pas heel erg zijn zeker? Zij willen het dan ook opnemen voor die duizenden priesters, zusters, paters, broeders, diakens en lekenmedewerkers die geen schuld treffen en jaren het beste van zichzelf hebben gegeven en nog geven voor de gemeenschap in Vlaanderen. Wat een gezwollen taalgebruik. En al goed dat ze er de Vlaamse missonarissen er buiten laten.

Collega Johan Sauwens, duidelijk de initiatiefnemer, wierp zich in het verleden al eerder op als behouder van de Vlaamsche erfgoedwaarden. Hij vindt het noodzakelijk dank te zeggen aan al diegenen die hun engagement in onderwijs, ziekenzorg, jeugd- en bejaardenwerk enz. een zeer grote meerwaarde hebben betekend en zo Vlaanderen mee hebben uitgebouwd tot wat het vandaag is: een open en verdraagzame samenleving, met veel ruimte voor individueel initiatief en grote solidariteit. Tja, ik vraag me af of die open samenleving wel hun grote verdienste is. Is dat niet eerder de verdienste van de duizenden Vlamingen die zich verzetten tegen een gemeenschap die al te sterk gedomineerd is door de christelijk geïnspireerde structuren? Of bedoelen mijn collega’s dat net het feit dat het gros van de Vlamingen de kerk massaal de rug toekeren net een bewijs is van die openheid van de Vlaamse samenleving?

Het is niet aan de politici om zich te mengen in de dossiers van het gerecht of van de kerk. Maar nu reageren, nu als het gerecht de zaak ‘overneemt’ is toch een beetje schijnheilig. De Christelijk geïnspireerde politici hadden al decennia kunnen ijveren voor een kerkelijk beleid dat de misbruiken in de kerk bestrijdt. Dan was die steunbetuiging nu niet nodig geweest. Zij zitten massaal in de besturen van kerkfabrieken, parochiale werken, scholen en ziekenhuizen. Ze zijn minstens mee verantwoordelijk.

Maar finaal ben ik het wel eens dat veel geestelijken zich hard hebben ingezet voor het welzijn van de bevolking, niet alleen het geestelijke. Ook het materiële en het culturele. Al moet mij van het hart dat hun inzet voor het verenigingsleven en voor het jeugdwerk, voor scholen en parochiale infrastructuur, niet altijd zo onbaatzuchtig was als wat sommigen willen laten blijken. De jacht op zieltjes is al een tijdje opgegeven, maar de eeuwig durende binding met de zuil is een harde voorwaarde gebleven. Ik ben geboren met een geboortepremie die uitbetaald is door de CM en van mij werd verwacht dat ik ook het hele christelijke traject zou doorlopen, de schoolkeuzes zou respecteren, christelijk zou trouwen, lid worden van de juiste verenigingen enz.  Dat deed ik niet. Ik ben parlementslid, maar zit niet in een inrichtende macht van een katholieke school, ook al studeerde ik zelf aan dat net, of in het bestuur van een ziekenhuis, of een voorziening voor personen met een handicap of een rusthuis, al zou ik dat onbaatzuchtig doen.

Ik heb veel, heel veel respect voor mijn proosten uit de Chiro en jeugdclub en voor die paar inspirerende priester-leraars uit het college. Voor hun inzet, voor hun bezieling, voor hun humanisme. Maar niet voor het instituut dat ze vertegenwoordigen. U mag deze getuigenissen, deze persoonlijke ervaringen met geestelijken die bepalend zijn geweest in mijn leven op uw website plaatsen. Ik kan zo nodig hun namen bezorgen. Maar er zijn er nog vele andere, van buiten de kerk, vrijwilligers, militanten, culturele werkers die zonder christelijke inspiratie, mijn leven ten goede hebben gekleurd. Dikke merci. Hun namen moet u wellicht niet hebben?

En ja, natuurlijk moeten er dezer dagen grote twijfels heersen in de geesten van vele van de resterende geestelijken in Vlaanderen. Hun levenslange engagement wordt besmeurd door een stigma waar zij niks mee te maken hebben. Bij sommigen worden oude wonden opengereten, , bijv. in West-Vleteren. Maar vooral moet het pijn doen dat de misbruiken van enkele tientallen (?) geprojecteerd worden op alle geestelijken, ook wie geen enkele blaam treft. Maar voor dit laatste is de kerk helemaal zelf verantwoordelijk.
En daarom ga ik niet naar Scherpenheuvel. Daar ontmoet ik die inspiratiebronnen niet, alleen fossiele restanten uit het antiquariaat van het kerkinstituut. Doe daar nu eens wat aan, collega Sauwens.